AI & Technologie

Waarom Europese iPhone-gebruikers langer moeten wachten op nieuwe AI-functies

26 oktober 2026

Geschreven door Sander Smit

Nieuwe AI-functies in Europa zijn niet altijd tegelijk beschikbaar op alle apparaten. Stel: je koopt deze herfst een nieuwe iPhone in Nederland. Het toestel doet alles wat je had verwacht, op één ding na. Siri AI, de vernieuwde spraakassistent die Apple in juni aankondigde, ontbreekt. Het bijzondere is dat deze functie wél op de Mac verschijnt. Dat komt doordat de nieuwe Europese regels alleen gelden voor de iPhone en de iPad, en niet voor de Mac.[1]

Apple zegt dat het niet anders kan. Volgens het bedrijf dwingt de Digital Markets Act (DMA) het ertoe om elke virtuele assistent vergaande toegang tot het toestel te geven, zonder de bescherming die nodig is om gebruikers veilig te houden.[2] De Europese Commissie reageerde een dag later scherp: niets in de DMA verbiedt Apple om nieuwe producten in de EU te introduceren, en de beslissing om Siri AI achter te houden is volgens haar woordvoerder een beslissing van Apple, en van Apple alleen.[3]

Eén artikel uit een verordening, twee lijnrecht tegenovergestelde lezingen. Ik zal geen kant kiezen in dit conflict. Wel leg ik uit wat de regels zelf zeggen, wat ze voor gebruikers betekenen, en welke mogelijke oplossingen er bestaan.

Niet alleen Apple

Apple is niet de enige aanbieder van besturingssystemen voor smartphones die hierover met de Europese Commissie in de clinch ligt. Op 27 januari 2026 opende de Commissie een specificatieprocedure tegen Alphabet, het moederbedrijf van Google. Die procedure is inmiddels afgerond. In zo’n procedure legt de Commissie vast welke maatregelen een poortwachter precies moet nemen om aan de DMA te voldoen. Een poortwachter is een groot platformbedrijf dat de Commissie heeft aangewezen, omdat het een belangrijke toegangspoort tot de consument vormt.

Hoeveel toegang moeten externe aanbieders van AI-diensten krijgen tot de telefoon? Op 16 juli 2026 nam de Commissie haar definitieve besluit. Het is bindend: Google moet elf functies van Android openstellen voor concurrerende AI-diensten.[4]

Dat juist AI-assistenten het breekpunt zijn, is geen toeval. De Commissie ziet AI-diensten als de nieuwe centrale toegangspunten (“central access points”) op mobiele apparaten. De assistent wordt daarmee de plek waar de gebruiker zijn apps en diensten opent. En ongeveer 60 procent van de Europese mobiele gebruikers heeft een Android-toestel.[5] Wie daar geen voet aan de grond krijgt, bereikt de Europese consument nauwelijks.

Apple probeerde de verplichting ook bij de Europese rechter aan te vechten. Dat lukte niet: op 8 juli 2026 verwierp het Gerecht Apples beroep tegen zijn aanwijzing als poortwachter, en Apples bezwaar tegen de interoperabiliteitsverplichting zelf verklaarde het om procedurele redenen niet-ontvankelijk. Of de verplichting zelf te ver gaat, heeft de rechter dus nog niet beoordeeld.[6]

Wat zegt die ene bepaling eigenlijk?

De hele ruzie draait om artikel 6, lid 7, van de DMA. Dat lid telt drie zinnen. De eerste twee bevatten de verplichting tot interoperabiliteit. De poortwachter moet kosteloos “effectieve interoperabiliteit” bieden. Hij moet anderen toegang geven tot dezelfde hardware- en softwarefuncties die zijn besturingssysteem of virtuele assistent aan zijn eigen diensten geeft.[7] Het doel: concurrenten moeten een koppeling “even effectief” tot stand kunnen brengen als de poortwachter zelf.[8] Wat Googles eigen assistent Gemini op een Android-telefoon kan, moet een andere assistent in beginsel óók kunnen.

De derde zin biedt poortwachters ruimte om uitzonderingen te treffen in het kader van beveiliging.[9] Wie van deze uitzondering gebruik wil maken, moet aan drie vereisten voldoen: strikte noodzakelijkheid, evenredigheid en een behoorlijke motivering. Beveiligen mag, maar de bewijslast ligt dus bij de poortwachter.

Van microfoon tot schermovername: wat er op tafel ligt

Hoe ver de gelijkstelling tussen assistenten gaat, blijkt uit het besluit zelf. De elf functies vallen in vier categorieën. Ten eerste het aanroepen van een AI-dienst, bijvoorbeeld met een eigen wake word: het spraakcommando dat een assistent activeert. Ten tweede toegang tot contextinformatie. Ten derde het uitvoeren van acties op apps en op het besturingssysteem. En ten vierde toegang tot de bronnen van het toestel, zoals rekenkracht.[10] Drie voorbeelden maken concreet wat dat betekent.

Neem eerst de contextinformatie. Externe assistenten moeten – net als Gemini – continu op de achtergrond kunnen meekijken. Het gaat onder meer om camera, microfoon, locatie, scherminhoud, notificaties, contacten en sms. En die informatie moet even gedetailleerd, even vaak en even actueel zijn als bij Googles eigen diensten.[11]

Dan de schermautomatisering. Externe assistenten moeten andere apps kunnen overnemen door gebruikersinteracties na te bootsen, zoals tikken en typen. Dat gebeurt in een apart venster op de achtergrond, buiten zicht van de gebruiker.[12]

Ten slotte de eigen diensten van Google. Een externe assistent moet taken kunnen uitvoeren in applicaties als Gmail of Telefoon, en even effectief als Gemini dat kan. Hij mag daarvoor zelfs het AI-model gebruiken dat Google al op het toestel heeft staan.[13]

Boven op deze elf functies liggen drie algemene normen. De oplossing moet voor derden even goed werken als voor Google zelf (equal effectiveness), en dat op alle punten: van gebruiksgemak tot batterijverbruik. Zij moet kosteloos zijn. En nieuwe functies moeten voor derden beschikbaar komen zodra Google ze zelf in gebruik neemt.[14]

Beveiligen mag, maar niet strenger voor anderen dan voor jezelf

Hoe verhouden die elf verplichtingen zich tot de beveiligingsuitzondering van de derde zin? Het besluit wijdt er een eigen sectie aan, en de norm die daar staat is streng.[15]

Elke integriteitsmaatregel moet berusten op voorwaarden die transparant, objectief, precies en non-discriminatoir zijn, en die ook voor Googles eigen diensten gelden. Google moet met objectief en verifieerbaar bewijs aantonen dat er een echt integriteitsrisico is. Anderen moeten dat kunnen controleren. En de maatregel moet in beginsel vier weken vooraf bij de Commissie worden gemeld.[16]

Een maatregel die voor derden een hogere integriteitsstandaard hanteert dan de poortwachter voor zichzelf accepteert, is volgens de Commissie per definitie niet strikt noodzakelijk en evenredig. “Alphabet shall not impose a higher level of integrity on third parties than it applies to itself.”[17]

Toch is de uitzonderingsmogelijkheid van de derde zin hiermee niet dichtgelast. Ook de Commissie zelf zegt dat interoperabiliteitsoplossingen moeten voldoen aan “essential EU privacy and security standards”.[18] Het geschil gaat dus niet over de vraag óf er beveiligingseisen mogen bestaan, maar over wiens oplossing volstaat, wie dat beoordeelt; en of het technisch mogelijk is om aan al deze voorwaarden te voldoen.

Google mag wel een poortje bouwen

Voor de vijf gevoeligste functies, waaronder de schermautomatisering en de toegang tot contextinformatie, mag Google een poortje bouwen: het mag eisen dat een assistent eerst wordt gekeurd. Wie die keuring niet doorstaat, krijgt die functies niet.[19]

Google moet één set eisen opstellen, die ook voor zijn eigen assistent geldt. Het moet onafhankelijke certificeerders toelaten en hun keuringen zonder aanvullende voorwaarden aanvaarden. En de gebruiker mag de keuringseis voor een dienst van zijn keuze zelf, met geïnformeerde toestemming, uitzetten. Ook de inhoud van de eisen staat niet vrij. De Commissie somt limitatief op wat Google mag vragen. Daaronder valt dat een assistent gewapend moet zijn tegen pogingen om zijn instructies te manipuleren.[20]

Hier raakt de Android-procedure aan het Apple-conflict. Apple ontwikkelde naar eigen zeggen een tussenlaag, de ‘Trusted System Agent’, waarmee assistenten van derden veilig dezelfde mogelijkheden zouden krijgen als Siri AI, gefaseerd uitgerold over achttien maanden.[21] De Commissie beschrijft datzelfde plan als een verzoek om achttien maanden vrijstelling van de interoperabiliteitsverplichtingen, en daarover is zij kort: “that’s not an option”.[22]

Mijns inziens zit het verschil tussen Google en Apple dus niet in de vraag óf er een poortje mag bestaan. Dat mag. Het zit in wie de poort beheert, tegen welke eisen en voor hoe lang. Google mag keuren omdat het gebonden is aan controleerbare eisen, omdat anderen mogen meekeuren en omdat de gebruiker de keuring kan overslaan. Apple bood een eigen tussenlaag aan, plus achttien maanden waarin de verplichting eenvoudigweg niet zou gelden.

Maar waarom Gemini dan wél?

Er is nog één argument dat aandacht verdient, en dat gaat over de beveiliging en de integriteit van de telefoon zelf. Een assistent met doorlopende toegang tot sensoren en schermen, die bovendien zelfstandig apps kan bedienen, biedt aanvallers veel aanknopingspunten. Daar komt prompt injection bij: de techniek waarbij een aanvaller via kwaadaardige invoer een AI-systeem zijn instructies laat uitvoeren. Dat probleem is erkend en onopgelost. Het Duitse BSI gaf er al in 2023 een formele cyberwaarschuwing over uit, en noemde daarbij expliciet assistenten die ongecontroleerde externe gegevens verwerken.[23]

Google voerde dat argument zelf ook aan. Op de dag van het besluit schreef het bedrijf een kritisch persbericht dat telefoonfabrikanten nu een sleutelrol spelen bij het keuren van assistenten, en dat het besluit externe apps gevoelige rechten geeft zonder die controle.[24]

Google heeft hier in beginsel een sterk punt: de bevoegdheden die AI-assistenten krijgen zijn zorgwekkend en kunnen reële beveiligingsrisico’s creëren. Maar elk genoemd risico geldt evengoed voor de assistent van Google zelf. Siri AI en Gemini krijgen immers dezelfde soort ingrijpende bevoegdheden waarvoor Apple en Google bij anderen waarschuwen.

Privacyonderzoeker Jaap-Henk Hoepman trekt die lijn door: als AI-assistenten werkelijk zo gevaarlijk zijn als de poortwachters beweren, dan zou de Commissie ook de assistenten van Google moeten verbieden.[25] Het fijnmazige permissiemodel op telefoons, het stelsel waarmee de gebruiker per app bepaalt wat die mag zien en doen, is er immers niet gekomen om de huisleverancier te ontzien. Het Android-besluit geeft daar een half antwoord op: verbieden doet de Commissie het niet, maar de keuringseisen gelden ook voor Gemini.[26]

Conclusie

Poortwachters als Apple en Google hebben een sterk belang bij vendor lock-in: gebruikers die binnen het eigen ecosysteem blijven, omdat overstappen te veel moeite kost. Het is dan ook niet vreemd dat beide aanbieders niet bijzonder happig lijken op het idee om AI-assistenten van derden op gelijke voet te zetten met hun eigen modellen. De DMA verplicht hen echter om hun besturingssystemen open te breken en deze assistenten alsnog toe te staan. 

De verordening geeft poortwachters een smalle bandbreedte om beperkingen op te stellen. Beveiligingseisen mogen, mits strikt noodzakelijk, evenredig en gemotiveerd. Het Android-besluit maakt duidelijk hoe die bandbreedte er in de praktijk uitziet: ook niet strenger voor anderen dan voor jezelf.

Het ongemak blijft. De DMA gaat ervan uit dat je beveiliging voor iedereen gelijk kunt organiseren. Maar de diepste lagen van een telefoon zijn juist gebouwd op het idee dat alleen de fabrikant daar mag komen. Of dit alles technisch haalbaar is, weten we pas als Google in 2027 moet leveren. Op het Apple-front staat alles stil: sinds juni is er geen nieuwe procedure geopend, en Siri AI is er voor de Europese iPhone nog altijd niet. De Europese gebruiker merkt daar voorlopig het meest van: hij mist een functie die zijn Amerikaanse buurman wel heeft.

Er is bovendien een grotere vraag in beweging. In haar evaluatie van de DMA van april 2026 kondigde de Commissie aan te onderzoeken of AI-assistenten zelf als poortwachtersdienst moeten worden aangewezen.[27] Maar het kernprobleem voor Google en Apple verandert daar niet door: wie de deur voor anderen dichthoudt, moet uitleggen waarom hij er zelf wel door mag.


[1] Uitvoeringsbesluit van de Commissie van 5 september 2023 waarin iOS als kernplatformdienst is aangewezen, en het besluit van 29 april 2024 voor iPadOS. macOS is niet als kernplatformdienst aangewezen, zodat de interoperabiliteitsverplichting van artikel 6, lid 7, DMA daar niet geldt. [BRON?: zaaknummers van beide aanwijzingsbesluiten nakijken].

[2] Apple Newsroom, ‘Due to DMA, Siri AI delayed in EU for iOS 27 and iPadOS 27’, 8 juni 2026. Siri AI komt volgens dit bericht wel beschikbaar op macOS 27 en visionOS 27.

[3] Europese Commissie, persbriefing (midday briefing) 9 juni 2026, woordvoerder Th. Regnier, audiovisual.ec.europa.eu/en/media/video/I-290903.

[4] Besluit van de Europese Commissie van 16 juli 2026 in zaak DMA.100220, ‘Decision based on Art.8 of 16.07.2026’.

[5] Europese Commissie, ‘Alphabet specification proceedings – Interoperability for AI services’ (Q&A), digital-markets-act.ec.europa.eu; Case Summary DMA.100220, p. 1.

[6] Gerecht 8 juli 2026, zaken T-1079/23, T-1080/23 en T-214/24.

[7] Art. 6 lid 7, eerste en tweede zin, DMA. Voor de definities: art. 2 punt 12 DMA (virtuele assistent) en art. 2 punt 29 DMA (interoperabiliteit).

[8] Overweging 57 DMA.

[9] Art. 6 lid 7, derde zin, DMA. Vgl. overweging 50 DMA.

[10] Maatregelen DMA.100220, secties 1 tot 4; voor het overzicht van de elf features: Q&A DMA.100220.

[11] Maatregelen DMA.100220, par. (33)(a) (fysieke en digitale context) en par. (35)(a)-(b).

[12] Maatregelen DMA.100220, par. (64)(a) en (d).

[13] Maatregelen DMA.100220, par. (55).

[14] Maatregelen DMA.100220, par. (141) (equal effectiveness), par. (148) (kosteloos) en par. (155) (nieuwe functies en updates).

[15] Maatregelen DMA.100220, sectie 5.3 ‘Integrity’, par. (114)-(118). In de conceptmaatregelen van april 2026 was dit par. 127-131.

[16] Maatregelen DMA.100220, par. (115) en (117)(a)-(h).

[17] Maatregelen DMA.100220, par. (115).

[18] Maatregelen DMA.100220, par. (114); Europese Commissie, persbriefing 9 juni 2026 (Regnier).

[19] Maatregelen DMA.100220, par. (120).

[20] Maatregelen DMA.100220, par. (123) (Qualified AI Assistant Programme), par. (125) (limitatieve opsomming van de toegestane eisen, waaronder dat de assistent ‘adequately hardened against key agentic risks’ is), par. (127)-(129) (Trusted Certification Authorities) en par. (135) (opt-out door de eindgebruiker). De conceptvoorwaarden moeten uiterlijk 1 februari 2027 worden gepubliceerd en de definitieve uiterlijk 1 mei 2027: par. (136).

[21] Apple Newsroom 8 juni 2026.

[22] Europese Commissie, persbriefing 9 juni 2026 (Regnier).

[23] Bundesamt für Sicherheit in der Informationstechnik, Cybersicherheitswarnung ‘Indirect Prompt Injections – Intrinsische Schwachstelle in anwendungsintegrierten KI-Sprachmodellen’, 2023 (criticaliteit 1).

[24] K. Walker, ‘The DMA should not undercut security & privacy for Europeans’, blog.google, 16 juli 2026.

[25] J.H. Hoepman, ‘Smartphone permissions should restrict native AI models too’, blog.xot.nl, 28 mei 2026.

[26] Maatregelen DMA.100220, par. (115) en (122).

[27] Europese Commissie, Verslag over de evaluatie van de DMA, COM(2026) 178 final, 28 april 2026, met bijbehorende Q&A.